2 Tessalonika

In de tweede brief aan het Tessalonicenzen gaat Paulus in op de dwaalleer die er in de gemeente over de toekomst was ontstaan. In zijn eerste brief aan het Tessalonicenzen had Paulus de gemeente geschreven dat de dag van de Heer zou komen 'als een dief in de nacht' (1Ts5:2). Maar sommigen verkondigden plotseling dat de dag van de Heer al begonnen was. De vervolgingen die de gelovige moesten doorstaan pasten toch volledig bij hetgeen de profeten van het Oude Testament over de grote verdrukking gezegd hadden. Deze verdrukking zouden op de dag van de Heer over de gelovigen op de gehele aarde komen. Op die manier ontstond de leer dat de dag van de Heer al was aangebroken.

In het tweede hoofdstuk van deze brief gaat de apostel voornamelijk in op het theologische aspect van deze dwaalleer, terwijl hij in het derde hoofdstuk de praktische problemen ervan bespreekt.

Commentaar op 2 Tessalonika

Tip: Klik het reclame-menu aan de rechterzijkant weg om de tekst beter te lezen. Je kunt het onderstaande menu gebruiken om door het document te navigeren. Voor meer info: neem contact op.

Reageer


Download commentaar als PDF

Raymond R. Hausoul, Commentaar op 2 Tessalonicenzen (Jun. 2008 – 0.3mB)